Op deze pagina vind je 1 betekenis of definitie van het woord 'vestigde’. Indien je zelf nog een definitie of synoniem kent, kan je deze onderaan deze pagina toevoegen.
1-1
vestigde
enkelvoud verleden tijd van vestigen
VB: Ik vestigde.
Jij vestigde.
Hij, zij, het vestigde.